AI Ethiek & Governance

Artikel 50 AI Act: wie moet AI-output melden of labelen?

Geert Haisma

Artikel 50 AI Act geldt sinds 2 augustus 2026. Aanbieders markeren AI-output en melden chatbots, gebruikers labelen deepfakes en bepaalde publieksteksten. Voor de markering van bestaande systemen geldt een termijn tot 2 december 2026.

Artikel 50 AI Act: wie moet AI-output melden of labelen?

Artikel 50 van de AI Act geldt sinds 2 augustus 2026. Aanbieders van AI-systemen moeten melden dat iemand met AI praat en AI-output machineleesbaar markeren. Organisaties die AI gebruiken, moeten deepfakes labelen en AI-tekst die het publiek informeert over zaken van algemeen belang. Voor de markering geldt een overgangstermijn tot 2 december 2026, maar alleen voor systemen die al vóór 2 augustus 2026 op de markt waren.

In het kort

  • Artikel 50 van de AI-verordening (de AI Act) gaat over herkenbaarheid: mensen moeten weten wanneer ze met AI te maken hebben.
  • Aanbieders zorgen dat een chatbot zegt dat hij AI is en dat gegenereerde beelden, audio, video en tekst machineleesbaar zijn gemarkeerd.
  • Gebruikers van AI labelen deepfakes en AI-tekst die ze publiceren om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang. Heeft een mens die tekst geredigeerd en draagt iemand de redactionele verantwoordelijkheid, dan vervalt die plicht.
  • De digitale omnibus gaf aanbieders van bestaande systemen tot 2 december 2026 voor de markering. De andere plichten gelden sinds 2 augustus 2026.
  • Een overtreding kan een boete opleveren tot € 15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet.

Wat staat er in artikel 50 van de AI Act?

Zeven leden, met verschillende plichten voor verschillende partijen. De tabel vat de leden 1 tot en met 5 samen; lid 6 en 7 gaan over samenloop en praktijkcodes.

LidVoor wieWatBelangrijkste uitzondering
1AanbiederEen AI-systeem voor directe interactie meldt dat het AI isAls dat voor een redelijk oplettend persoon al duidelijk is
2AanbiederGegenereerde audio, beelden, video en tekst machineleesbaar markeren en detecteerbaar makenOndersteunende functie voor standaardbewerking, of de input wordt niet wezenlijk gewijzigd
3GebruikerMensen informeren over emotieherkenning of biometrische categoriseringWettelijk toegestaan gebruik voor opsporing
4, eerste alineaGebruikerBekendmaken dat een deepfake kunstmatig isBij kennelijk artistiek, creatief of satirisch werk volstaat een passende vermelding
4, tweede alineaGebruikerBekendmaken dat tekst over zaken van algemeen belang door AI is gemaaktMenselijke redactie plus redactionele verantwoordelijkheid
5BeideUiterlijk bij de eerste interactie of blootstelling, duidelijk en toegankelijkGeen

Een deepfake is beeld-, audio- of videocontent die echt lijkt maar door AI is gemaakt of bewerkt.

Bent u aanbieder of gebruiker van AI?

Dat bepaalt welke plichten u heeft. De AI-verordening spreekt van aanbieder en gebruiksverantwoordelijke.

Een aanbieder ontwikkelt een AI-systeem, of laat het ontwikkelen, en brengt het onder eigen naam of merk op de markt of in gebruik. Een gebruiksverantwoordelijke gebruikt een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid. Privégebruik telt niet mee.

De meeste organisaties zijn gebruiker: ze werken met een tool van een leverancier. Zet u zelf een chatbot onder uw eigen naam op uw website, dan kunt u ook aanbieder zijn. Dan geldt lid 1 voor u.

Vergelijking artikel 50 AI Act. Aanbieder (lid 1 en 2): meldt dat een chatbot AI is en markeert AI-output machineleesbaar. Gebruiker (lid 3 en 4): labelt deepfakes en AI-tekst over zaken van algemeen belang.

Vergelijking artikel 50 AI Act. Aanbieder (lid 1 en 2): meldt dat een chatbot AI is en markeert AI-output machineleesbaar. Gebruiker (lid 3 en 4): labelt deepfakes en AI-tekst over zaken van algemeen belang.

Moet u AI-tekst altijd labelen?

Nee. Voor gebruikers geldt de labelplicht voor tekst alleen als u die publiceert om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang. Denk aan een nieuwsbericht of een publieksvoorlichting.

Ook dan vervalt de plicht als een mens de tekst heeft getoetst of geredigeerd, en een persoon of organisatie de redactionele verantwoordelijkheid draagt. Een offerte, een e-mail aan een klant of een intern rapport valt niet onder lid 4. Deepfakes moet u wel altijd melden.

Let op: artikel 50 laat andere regels onverlet. Afspraken met klanten, beroepsregels en de AVG kunnen alsnog openheid vragen. Voor advocaten werkten we uit wat dat betekent in ons overzicht van AI in de advocatuur. Kort: een processtuk hoeft op grond van artikel 50 niet te vermelden dat AI is gebruikt.

Welke overgangstermijn geldt voor artikel 50?

Alleen voor de markering uit lid 2, en alleen voor bestaande systemen. De digitale omnibus inzake AI, Verordening (EU) 2026/1744, voegde een nieuw artikel 111 lid 4 toe aan de AI-verordening. Aanbieders van systemen die synthetische audio, beelden, video of tekst maken en vóór 2 augustus 2026 op de markt waren, moeten uiterlijk 2 december 2026 aan lid 2 voldoen.

De omnibus geeft daarvoor vier maanden overgangstijd, zodat aanbieders hun praktijk kunnen aanpassen zonder de markt te verstoren. Voor nieuwe systemen geldt geen overgangstermijn. En de plichten uit lid 1, 3 en 4 gelden sinds 2 augustus 2026 voor iedereen.

Tijdlijn artikel 50 AI Act: 27 juli 2026 digitale omnibus in werking, 2 augustus 2026 artikel 50 van toepassing, 2 december 2026 uiterste datum voor de markering door bestaande systemen.

Tijdlijn artikel 50 AI Act: 27 juli 2026 digitale omnibus in werking, 2 augustus 2026 artikel 50 van toepassing, 2 december 2026 uiterste datum voor de markering door bestaande systemen.

Wat vraagt artikel 50 van uw leveranciers?

Twee kernplichten (lid 1 en 2) liggen bij de aanbieder, dus meestal bij uw leverancier. Vraag daarom na:

  • Meldt de chatbot of assistent dat de gebruiker met AI praat?
  • Markeert de tool gegenereerde beelden, audio, video en tekst machineleesbaar? Zo niet: vanaf wanneer, en valt het systeem onder de termijn tot 2 december 2026?
  • Heeft de leverancier de Europese praktijkcode voor transparantie van AI-content ondertekend? Dat is vrijwillig, maar ondertekenaars kunnen erop steunen om naleving aan te tonen.
  • Kunt u in de tool zelf een deepfake of een publiekstekst labelen, bijvoorbeeld met de iconen die de EU daarvoor beschikbaar stelt?

Leveranciers doorlichten speelt ook buiten de AI Act. Hoe de Cyberbeveiligingswet naar de keten kijkt, leest u in ons overzicht van de Cyberbeveiligingswet.

Zo werkt het bij Prudai

Artikel 50 gaat over herkenbaarheid: weet iemand dat iets van AI komt? Een verwante vraag is of de gebruiker kan zien waarop een voorstel steunt. Zo hebben we dat in onze producten ingericht. Dit zijn geen maatregelen onder artikel 50; dat artikel gaat over markeren en labelen.

Voorstellen pas na akkoord. In de proceseditor van IRMA kan IRMA per processtap een risico of maatregel voorstellen. Dat gebeurt met een vaste regelset zonder AI, of via de IRMA-assistent als AI-voorstellen voor uw organisatie aanstaan; standaard staan die uit. Elk voorstel moet een onderbouwing en minstens één bronverwijzing hebben. Het wordt pas een koppeling als een medewerker het goedkeurt.

Een zichtbaar label bij een onzekere bron. In de chat van LEO controleert een poort elk antwoord op ECLI-nummers. Kwam een ECLI niet uit een bron, een tool of uw eigen stukken, en kan het model de uitspraak niet alsnog ophalen, dan staat er "ongeverifieerd" bij. Voor advocatenkantoren staat op de pagina over de NOvA-aanbevelingen hoe LEO daarbij helpt.

AI-beheer naast informatiebeveiliging. IRMA bevat onder meer de normenkaders ISO/IEC 42001 (het managementsysteem voor AI), ISO/IEC 27001 en de Cyberbeveiligingswet. Een normenkader in de software maakt u nog niet compliant. Het geeft de structuur waarin u uw maatregelen vastlegt.

Voor de specialist

  • Definities. Artikel 3 punt 3 (aanbieder) en punt 4 (gebruiksverantwoordelijke) van Verordening (EU) 2024/1689.
  • Overige leden. Lid 2 vraagt technische oplossingen die doeltreffend, interoperabel, robuust en betrouwbaar zijn, voor zover technisch haalbaar. Lid 6: andere transparantieplichten blijven gelden. Lid 7 is door Verordening (EU) 2026/1744 gewijzigd: de Commissie beoordeelt of praktijkcodes toereikend zijn.
  • Praktijkcode. De Code of Practice on Transparency of AI-generated Content heeft een deel voor aanbieders (markeren en detecteren) en een deel voor gebruikers (labelen). Volgens de Commissie hebben zij en de AI-board bevestigd dat de code een toereikend vrijwillig instrument is. De Commissie publiceerde daarnaast richtsnoeren over de reikwijdte van artikel 50.
  • Sancties. Artikel 99 lid 4 onder g: tot € 15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet, als dat hoger is. Voor kmo's (lid 6) en, sinds Verordening (EU) 2026/1744, ook voor kleine midcapondernemingen (lid 6 bis) geldt het laagste van beide. De lidstaten stellen de sanctieregels vast (lid 1).
  • Data. Artikel 113: de verordening geldt in hoofdzaak vanaf 2 augustus 2026. Verordening (EU) 2026/1744 is van 8 juli 2026, verscheen op 24 juli 2026 in het Publicatieblad en trad op 27 juli 2026 in werking.

Veelgestelde vragen

Geldt artikel 50 ook voor tekst die ik met ChatGPT schrijf?

Alleen als u die tekst publiceert om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang, en er geen menselijke redactie was waarvoor iemand de redactionele verantwoordelijkheid draagt. Voor gewone zakelijke tekst, zoals een e-mail of een offerte, geldt de labelplicht van lid 4 niet.

Moet ik een klant vertellen dat AI meeschreef aan een e-mail?

Niet op grond van artikel 50. Andere regels kunnen het wel vragen, zoals afspraken met de klant of beroepsregels. Bij twijfel is openheid vooraf verstandig.

Wat is de boete bij overtreding van artikel 50?

Tot € 15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet, als dat hoger is. Voor kmo's en kleine midcapondernemingen geldt het laagste van beide. De lidstaten werken de sanctieregels verder uit.

Wanneer moet AI-output gemarkeerd zijn?

Voor nieuwe systemen sinds 2 augustus 2026. Aanbieders van systemen die al vóór die datum op de markt waren, hebben tot 2 december 2026. Die termijn komt uit de digitale omnibus inzake AI.

Bronnen

Wilt u weten hoe IRMA ISO/IEC 42001 naast ISO 27001 en de Cyberbeveiligingswet in uw ISMS onderbrengt? Bekijk IRMA en de normenkaders die erin zitten.

Bijgewerkt op 4 oktober 2026

AI ActGRCAI in organisatiesAgentic AI

Geert Haisma

Algemeen Directeur

Geert Haisma is de medeoprichter en algemeen directeur van Prudai, een AI-specialist die organisaties ondersteunt bij het veilig en op maat inzetten van generatieve AI voor verbeterde besluitvorming en procesautomatisering. Met een achtergrond in bestuurskunde en een jarenlange ervaring in het succesvoller maken van organisaties, is Haisma de drijvende kracht achter de strategische en inhoudelijke richting van Prudai.